Wat Slow Travel
voor mij betekent
Ik heb lang getwijfeld over deze woorden. Niet over het idee, maar over de taal. Ik hou niet van het mengen van Engels en Nederlands. En toch staat er onder Smaak & Slaap: Slow Travel in Zuid-Afrika. Omdat ik, hoe vaak ik ook opnieuw begon, niets vond dat dichter bij mijn gevoel kwam.
Slow Travel was lange tijd niet mijn manier van reizen.
Ik hield van tempo. Van plannen. Van het idee dat je alles uit een reis moest halen. Ik maakte veel kilometers, had volle dagen en voelde me tevreden als ik aan het eind kon zeggen: dit hebben we ook gezien. Dat afvinken gaf rust.
Of misschien gaf het vooral controle.
Tot ik, een jaar of 10 geleden, iets ontdekte wat ik niet had ingepland.
Door ergens langer te blijven dan gepland. Door een dag zonder programma. Door aandacht voor dingen die ik eerder voorbijliep. Minder onderweg zijn, meer ergens zijn. Langzaam reizen dus. En ja, daar hebben de Engelsen simpelweg een betere term voor.
Slow Travel betekent voor mij: kiezen met aandacht. Voor kleinschalige plekken. Kiezen voor mensen die hun zaak met zorg en plezier runnen.
In Zuid-Afrika gaat langzaam reizen bijna vanzelf.
Het land vraagt niet om haast. Afstanden zijn groot, landschappen nodigen uit tot kijken, niet tot doorrijden. En hoe langer je blijft, hoe persoonlijker het wordt. Je leert het ritme kennen. De mensen. De vanzelfsprekendheden van alledag.
Reizen zoals locals dat doen.
Niet voortdurend onderweg, maar leven op de plek waar je bent. Een vaste tafel voor een paar dagen. Bekende gezichten. Groeten op straat. Een wandeling die elke ochtend hetzelfde begint en toch nooit helemaal hetzelfde voelt.
En misschien is dit wel het belangrijkste:
Slow Travel maakt dat je terug wilt komen. Omdat er nog meer te ontdekken en ervaren is.
Dat is wat ik deel op Smaak & Slaap. Plekken in Zuid-Afrika die ik met aandacht heb gekozen, en met zorg doorgeef aan gelijkgestemden.



